In Actie met Burgers

Instrument: het CLEAR-model

Het CLEAR-model, dat rekening houdt met de overwegingen van de burgers om al dan niet te participeren, is ontwikkeld in opdracht van de Raad van Europa door Gerry Stoker, Vivien Lowndes en Lawrence Pratchett.

CLEAR is een acroniem, dat voor de volgende onderdelen staat: 

  • Can citizens participate?
    De can do-factor heeft betrekking op de opleiding en sociaal-economische status van burger; hebben zij de vaardigheden, de competenties en het zelfvertrouwen om te participeren. Gemeenten kunnen participatie vergroten door burgers op te leiden (bijvoorbeeld door het aanbieden van cursussen) en de nodige middelen te verschaffen.
  • Do they Like to participate?
    De like to-factor heeft betrekking op de binding met de politieke entiteit waar de participatie moet plaatsvinden. Vergroting van participatie is mogelijk door de sociale cohesie in een gemeenschap te vergroten. De aantrekkelijkheid van de participatie kan ook worden vergroot door de ambiance waarin en de manier waarop de informatie wordt gepresenteerd.
  • Are they Enabled to participate?
    De enabled to-factor heeft betrekking op de toegang van burgers tot netwerken die burgers in staat stellen te participeren, zoals maatschappelijke groeperingen. Deze factor gaat ervan uit dat burgers via organisaties en groeperingen participeren in het beleidsproces. Gemeenten kunnen lokale participatie vergroten door maatschappelijke organisaties en groeperingen te faciliteren.
  • Are they Asked to participate?
    De asked to-factor heeft betrekking op de vraag of burgers worden gevraagd of aangesproken om te participeren. Het gevoel dat de mening van burgers gewild is, is een prikkel om politiek te participeren. Participatie kan dan ook worden vergroot door voorwaarden binnen de overheidsorganisatie te creëren, die het actief betrekken van burgers in het beleidsproces tot een vanzelfsprekende factor maken.
  • Are they Responded to if they do participate?
    De responded to-factor heeft betrekking op de wijze waarop overheden omgaan met de inbreng van burgers. Het is niet alleen belangrijk terug te koppelen wat er met de resultaten gebeurt, maar tevens om waardering uit te spreken voor de betrokkenheid van die burgers. Burgers kunnen door een positieve houding worden gemotiveerd een volgende keer weer deel te nemen. Een belangrijke beleidsuitdaging voor gemeenten is dan ook om responsiever te zijn.

De ministers in de Raad voor Europa die verantwoordelijk zijn voor lokaal en regionaal bestuur hebben besloten het CLEAR-model als leidraad te kiezen voor een verdere validering en productontwikkeling.

Voor gebruik in lidstaten aanbevolen
Na toetsing in de bestuurspraktijk van gemeenten in een negental Europese landen, waaronder Nederland, is het instrument inmiddels gereed. Het is op 11 maart 2009 door het Comité van Ministers van de Raad van Europa vastgesteld en officieel voor gebruik in de lidstaten aanbevolen.

In Nederland werd de testfase gecoördineerd door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, uitgevoerd in de gemeenten Dantumadeel, Deurne, Zoetermeer, Arnhem en Utrecht.

Meer informatie


Tekst: Jan Schrijver (Ministerie van BZK)